Het techbedrijf rolt stilzwijgs een webversie uit van zijn AI-assistent, maar de vraag is of deze late stap voldoende is om het gat met concurrenten te dichten.
Amazon heeft zonder officiële aankondiging een webversie van Alexa+ gelanceerd, waarmee het bedrijf eindelijk de strijd aangaat met gevestigde chatbots zoals OpenAI’s ChatGPT en Google’s Gemini. De stap markeert een belangrijke koerswijziging voor de techreus, die jarenlang volledig inzette op spraakgestuurde interactie via slimme speakers en de mobiele app.
Van speaker naar scherm: Amazon verandert van strategie
Waar gebruikers voorheen alleen via Echo-apparaten of de Alexa-app met de AI-assistent konden communiceren, opent Amazon nu een nieuw front. Sommige gebruikers ontdekten de afgelopen dagen dat Alexa.com – dat tot voor kort bezoekers simpelweg doorstuurde naar een informatieve landingspagina – nu een volledig functionele chatinterface laadt. Het bedrijf heeft de uitrol nog niet officieel bevestigd, wat suggereert dat we getuige zijn van een geleidelijke, mogelijk gefaseerde introductie.
De timing roept vragen op. ChatGPT bereikte binnen enkele maanden na de lancering eind 2022 honderden miljoenen gebruikers, en ook Google’s Gemini heeft inmiddels een stevige gebruikersbasis opgebouwd. Amazon komt met Alexa+ beduidend later op het toneel, en moet nu niet alleen inhalen maar ook overtuigen waarom gebruikers zouden overstappen.
Vertrouwde interface, maar met beperkingen
De webversie van Alexa+ volgt het inmiddels bekende recept van tekstgebaseerde AI-assistenten. Gebruikers worden begroet met een prominente chatbox en knoppen voor basisfunctionaliteiten, zoals het uploaden van bestanden voor analyse. Links verschijnt een menubalk met toegang tot eerdere gesprekken van Echo-toestellen, smarthome-bedieningselementen en gedeelde documenten. Deze synchronisatie tussen apparaten is handig voor wie regelmatig van laptop naar smart speaker wisselt.
Een belangrijk verschil met het spraakgerichte verleden: gebruikers kunnen nu typen in plaats van alleen praten. Volgens Amazon vergroot dit de toepassingsmogelijkheden en productiviteit. Inderdaad, voor complexere opdrachten of langere teksten is typen vaak praktischer dan dicteren – een les die concurrenten al eerder leerden.
Maar de webinterface voelt vooralsnog onaf. Geavanceerde functies zoals het bouwen van aangepaste bots – een populaire mogelijkheid bij ChatGPT’s GPT-systeem – ontbreken volledig. Ook de bestandsondersteuning blijft beperkt. Het platform oogt karig vergeleken met de uitgebreide ecosystemen die OpenAI en Google inmiddels hebben opgebouwd. Amazon belooft de functionaliteit geleidelijk uit te breiden, maar op dit moment doet Alexa+ eerder denken aan een minimum viable product dan aan een volwaardige concurrent.
Prijsstelling: bundelen met Prime, maar tegen welke kosten?
De monetisatiestrategie van Amazon roept ook vragen op. Tijdens de huidige testfase is Alexa+ gratis toegankelijk, maar uiteindelijk wil het bedrijf de dienst bundelen met Prime-abonnementen. Voor niet-Prime-leden ligt er een prijskaartje van 20 dollar per maand in het verschiet – een bedrag dat fors hoger ligt dan ChatGPT Plus (20 dollar, maar met meer mogelijkheden) en vooral veel duurder dan de gratis basisversies van concurrenten.
Of het Prime-abonnement zelf duurder wordt wanneer Alexa+ wordt toegevoegd, blijft onduidelijk. Amazon houdt die kaarten nog tegen de borst. Voor bestaande Prime-leden zou de integratie een interessante extra kunnen zijn, maar wie voornamelijk geïnteresseerd is in AI-assistentie moet zich afvragen of 20 dollar per maand gerechtvaardigd is voor wat nu nog een relatief basale ervaring lijkt.
De hamvraag: komt Amazon te laat?
Amazon’s voorzichtige uitrol van Alexa+ onderstreept een breder spanningsveld. Het bedrijf was decennialang marktleider in spraakassistenten en slimme speakers, maar heeft die voorsprong niet kunnen vertalen naar dominantie in de wereld van generatieve AI-chatbots. Waar OpenAI en Google snel schaalden en itereerden, lijkt Amazon voorzichtiger te werk te gaan – mogelijk te voorzichtig.
De vraag die nu voorligt is niet of Amazon technisch een goede AI-chatbot kan bouwen (dat kunnen ze ongetwijfeld), maar of ze gebruikers kunnen overtuigen om te switchen of zelfs maar een extra platform te adopteren. De concurrentie heeft niet stilgezeten. ChatGPT biedt integraties met allerlei tools, Google Gemini is naadloos verweven met de populaire diensten van het bedrijf, en beide platforms beschikken over uitgebreide API’s waar ontwikkelaars volop gebruik van maken.
Amazon heeft natuurlijk troeven: het enorme bereik via Echo-apparaten, de koppeling met AWS-diensten voor zakelijke gebruikers, en de potentiële synergie met Prime’s gebruikersbestand. Maar die voordelen zullen pas tot hun recht komen als Alexa+ een overtuigend product wordt dat echt onderscheidend is. De huidige webversie is daar nog niet.
Voor nu lijkt Alexa+ op het web vooral een noodzakelijke stap om niet volledig achterop te raken. Of het genoeg is om de voorsprong van concurrenten in te halen, zal moeten blijken als Amazon de training wheels afhaalt en de dienst volledig beschikbaar maakt – bij voorkeur met substantieel meer functionaliteit dan wat we nu zien.




