Minister van Media Cieltje Van Achter (N-VA) laat weten dat er géén leeftijdsgrens van 16 jaar komt voor sociale media in Vlaanderen. In plaats daarvan wil ze de verantwoordelijkheid neerleggen bij de platforms zelf – met harde sancties als die niet meewerken. Of dat realistisch is, valt nog te bezien.
Terwijl Australië recent nog de minimumleeftijd voor sociale media verhoogde naar 16 jaar, gaat Vlaanderen een andere kant op. Ondanks druk van coalitiepartners CD&V en Vooruit blijft de huidige leeftijdsgrens van 13 jaar gewoon staan. Minister Cieltje Van Achter verdedigt die keuze door te stellen dat een verbod jongeren zou “straffen” in plaats van beschermen. Maar de vraag is: beschermt haar alternatief dan wel genoeg?
Geen verbod, wel verantwoordelijkheid bij platforms
Van Achter baseert haar beslissing op het advies van de Hoge Gezondheidsraad, die stelt dat een vaste leeftijdsgrens niet de oplossing is. Volgens dat advies verschilt de context per platform te veel om één leeftijdslimiet zinvol te maken. Bovendien zouden leeftijdsverificaties niet effectief werken en juist een vals gevoel van veiligheid creëren. Het meest opvallende argument: een verbod zou jongeren kunnen aanzetten om uit te wijken naar minder gereguleerde alternatieven, zoals gamechats, die juist gevaarlijker kunnen zijn.
Dat klinkt redelijk, maar roept ook vragen op. Is het niet wat makkelijk om te zeggen dat een verbod niet werkt, en vervolgens de verantwoordelijkheid volledig bij techbedrijven neer te leggen? Want die hebben tot nu toe bewezen dat zelfregulering voor hen vooral betekent: zo weinig mogelijk doen totdat de overheid écht ingrijpt.
Actieplan ‘Veilig Online’: veel eisen, weinig stok achter de deur
In het nieuwe actieplan ‘Veilig Online’ staan stevige eisen aan socialemediabedrijven. Ze moeten de huidige leeftijdsgrens van 13 jaar correct handhaven – wat betekent dat platforms zoals TikTok en Instagram eindelijk serieus moeten gaan verifiëren of gebruikers wel echt 13-plus zijn. Daarnaast moeten ze stoppen met “verslavende algoritmes” en mogen ze geen gepersonaliseerde advertenties meer tonen aan minderjarigen.
Op papier klinkt dat allemaal mooi. Maar hoe gaat Vlaanderen – een regio met amper 6,5 miljoen inwoners – deze eisen afdwingen bij technologiegiganten als Meta, TikTok en Google? Van Achter spreekt harde taal: platforms die weigeren mee te werken, kunnen “offline gehaald worden”, net zoals onveilige producten uit de schappen verdwijnen. Maar de praktijk is weerbarstiger. Kan Vlaanderen daadwerkelijk TikTok blokkeren? En zo ja, hoe lang duurt het voordat jongeren een VPN installeren om het verbod te omzeilen?
De kans is groot dat deze dreigementen vooral symbolisch blijven. Techbedrijven zijn gewend aan boetes en regelgeving die amper wordt gehandhaafd. Zolang de Europese Unie geen gezamenlijke lijn trekt – en die is er vooralsnog niet – blijft het de vraag of Vlaanderen hier echt invloed op heeft.
Leeftijdsverificatie: het eeuwige probleem
Een van de kernpunten van het actieplan is dat platforms de huidige leeftijdsgrens serieus moeten gaan handhaven. Maar hoe doe je dat? Vraag je om een identiteitskaart? Dat roept privacyvragen op. Gebruik je AI-gezichtsherkenning? Dat werkt niet waterdicht en wordt door mensenrechtenorganisaties bekritiseerd. Of vertrouw je op een simpele vraag “Ben je 13 of ouder?” – wat nu vaak gebeurt en waar niemand zich aan stoort?
Het probleem van leeftijdsverificatie is niet nieuw, en platformen hebben tot nu toe weinig interesse getoond om dit rigoureus op te lossen. Waarom zouden ze ook? Hoe meer gebruikers, hoe meer data, hoe meer advertentie-inkomsten. Zolang de boetes lager zijn dan de winst, blijft de prikkel om te frauderen groot.
Van Achter erkent dit impliciet door te stellen dat leeftijdsverificaties “niet efficiënt” zijn. Maar als dat zo is, waarom baseer je daar dan je hele beleid op? Het lijkt een beetje op zeggen: “Gordels werken niet perfect, dus we dwingen autofabrikanten om betere gordels te maken” – zonder zelf controle uit te voeren of die gordels ook écht worden gedragen.
Mediawijs maken: goedbedoeld, maar genoeg?
Naast het aanpakken van platforms zet Van Achter in op mediawijsheid. De website mediawijs.be krijgt een upgrade, ouders krijgen informatiepakketten en er komen campagnes om jongeren te leren fake news en AI-slop te herkennen. Dat is op zich positief – niemand zal betere voorlichting afkeuren. Maar het is ook een beetje de klassieke overheidstruc: als je het probleem niet kunt oplossen, maak je er een educatieproject van.
Want laten we eerlijk zijn: hoeveel tieners gaan enthousiast naar mediawijs.be om te leren hoe algoritmes werken? En hoeveel ouders hebben überhaupt de tijd, kennis en energie om hun kinderen bij te staan in een digitale wereld die sneller verandert dan ze kunnen bijbenen? Mediawijsheid is belangrijk, maar het kan niet de enige oplossing zijn. Het is alsof je zegt: “We leggen geen snelheidslimiet op, maar we geven wel rijlessen.”
Australië vs. Vlaanderen: twee werelden
De keuze van Vlaanderen contrasteert sterk met die van Australië, dat recent juist wél een leeftijdsgrens van 16 jaar invoerde. Daar gingen stemmen op om dat voorbeeld te volgen, maar Van Achter wees dat af. De vraag is: wie heeft gelijk? Australië kiest voor een hardere lijn, Vlaanderen voor meer nuance. Maar nuance kan ook verhullend taalgebruik zijn voor “niks doen”.
Het is nog te vroeg om te zeggen welke aanpak beter werkt. Maar één ding is zeker: het Australische verbod zal omzeild worden, en het Vlaamse beleid zal waarschijnlijk weinig veranderen aan de praktijk. Misschien is de echte conclusie wel dat sociale media zo diep verweven zijn in het leven van jongeren, dat geen enkele overheid – groot of klein – er nog grip op krijgt zonder rigoureuze, gecoördineerde Europese of zelfs mondiale regelgeving.
Symboliek of daadkracht?
Het actieplan ‘Veilig Online’ van Van Achter bevat goede intenties: platforms aanspreken, mediawijsheid bevorderen, jongeren beschermen. Maar intenties zijn niet genoeg. De vraag is of Vlaanderen de middelen, de autoriteit en de politieke wil heeft om deze eisen ook daadwerkelijk af te dwingen. En of techbedrijven, die al jaren wegkomen met symbolische aanpassingen en minimale compliance, eindelijk echt gaan luisteren.
Voor ouders en jongeren verandert er voorlopig weinig. TikTok blijft open, algoritmes blijven verslavend, en advertenties blijven kinderen targeten. Misschien komt daar verandering in – maar tot die tijd blijft het vooral praten over bescherming, in plaats van die bescherming ook echt bieden.




